Ozonalarm: de wereld op zijn kop
Vera Dua
31/07/2006
Drie jaar is Lien. Ze is aan het ravotten in een Gents parkje; mama leest in de krant de berichten over het ozongevaar “Moet ik echt opletten voor de zon,” vraagt de bezorgde mama van Lien.
Wat moet ik antwoorden? Zeg ik, in alle eerlijkheid, dat Lien omwille van de ozon beter uit de zon blijft? Want dat dit slecht is voor de ontwikkeling van de longfuncties en dat dit kindjes gevoeliger maakt voor allergische reacties? Dan word je, als brenger van een slechte boodschap, meteen gelinkt aan het grootst mogelijke onheil.
Op een warme dag met hoge ozonwaarden kunnen 20 tot 35 Vlamingen vervroegd overlijden door te veel ozon, citeert Liens mama de krant. Ze staat duidelijk voor een verscheurende keuze. En dat op een prachtige zomerdag waar de vakantiestemming er al goed in zit. Dit is zo’n typisch moment waarop ik zeer goed besef waarom ik “aan politiek doe”. Een gezonde leefomgeving, dat is toch een basisrecht? Ook kinderen en oudere mensen hebben verdorie het recht om buiten te komen op een warme zomerdag.
Het is geen gemakkelijk thema: luchtverontreiniging komt moeilijk op de politieke agenda. Soms word je zelfs op hoongelach onthaald als je er over begint. Die groenen zijn weer bezig met dingen die je niet kan zien - ozon, fijn stof - waar halen ze het! Ik heb het meer dan eens mogen horen. Maar ondertussen hangen 1 op de 10 kindjes aan de puffertjes en overlijden jaarlijks 13.000 vroegtijdig; vooral oudere mensen, tengevolge van fijn stof.
Toen de groenen nog in de federale en Vlaamse regering zaten hebben we heel wat bereikt in de strijd tegen de luchtvervuiling. Een premie voor LPG-rijders hebben we er door gekregen. We hebben in de Vlaamse regering jarenlang de aanleg van nieuwe wegen tegen gehouden. We hebben de emissienormen van de industrie verstrengd. Samen met Rob Van Oudenhoven en Ingrid Pira, onze Mortselse burgemeester, hebben we de ROB-campagne gelanceerd. ROB wou de mensen aanzetten tot “minder sportief”, zeg maar milieuvriendelijker rijden. Stuk voor stuk maatregelen die onze lucht properder maken, die de luchtverontreiniging beperken.
Spijtig genoeg is de federale LPG-premie weer afgeschaft. En ondertussen trekt Vlaams milieuminister Kris Peeters (CD&V) miljoenen euros uit voor nieuwe wegen én dus voor meer autoverkeer.
En dan is men verbaasd dat er weer ozon-alarm is...
Begin deze week hebben we met Groen! een heus Ozonstrand gebouwd voor de deur van de minister die het ozonprobleem voor alle Belgen zou moeten aanpakken: federaal leefmilieuminister Bruno Tobback (SP.A). Snelheidsbeperkingen, minder verkeer en meer, beter openbaar vervoer: meer hoeft dat niet te zijn om Lien ongestoord verder te laten genieten. En haar mama ook. Elf ministers hebben in België een vinger in de pap in de strijd tegen luchtvervuiling! Als al deze excellenties nu eens aan dezelfde kar - de kar van Lien! - zouden trekken, zouden we al een heel eind verder staan. Maar zo werkt het in dit land duidelijk niet. Op ons Ozonstrand kwamen enkel maar verkrampte reacties.
Minister Tobback organiseerde vorig jaar een groots mediaspektakel rond zijn “ozonplan”. Vandaag blijkt zwart op wit in een nota van de federale administratie dat van de toen 33 aangekondigde acties tegen ozon er amper 7 zijn gerealiseerd.
Niks van, repliceert de minister via zijn woordvoerder: “van de 33 zijn er 11 uitgevoerd, 11 zijn lopende en de rest is in de opstartfase”. Politiek vernauwd tot wiskunde!
Vandaag of morgen zal ik Lien weer ontmoeten in “ons” parkje in Gent. Liens mama zal opnieuw informeren naar het gevaar van ozon voor haar dochter. Weer zal ze vragen of én hoe je de symptomen kan herkennen. Ik zal Liens mama het antwoord van de minister overmaken: “Van de 33 symptomen zijn er al 11 uitgevoerd, 11 zijn er lopende en de rest zit in de opstartfase.”


Lien